John Beuving en Erjen Derks, oprichters Valtes ‘De problematiek vormt in alles de basis’

John Beuving en Erjen Derks, oprichters Valtes ‘De problematiek vormt in alles de basis’

John Beuving en Erjen Derks uit Beilen ontwikkelen technologie om de toenemende druk op mantelzorgers te verminderen. Begin 2023 starten de eerste pilots bij 20 Drentse huishoudens. ‘In 2030 willen we minimaal één miljoen Europese gebruikers hebben.’

‘We willen maatschappelijke impact maken met onze gezondheidstechnologie’, zegt John Beuving vastberaden. ‘Het ondernemerschap krijgen we er gewoon bij.’ Samen met Erjen Derks richt hij zich sinds afgelopen zomer op het ontwikkelen van een slim ontzorgpakket voor mantelzorgers. Of meer precies: op technologie, gebaseerd op kunstmatige intelligentie, om mantelzorgers te ontlasten en meer ruimte te geven om van het leven te genieten.

Gezond en slim huis

The Pink Penguin Project noemden ze het initiatief in eerste instantie. Maar omdat deze lastig uitspreekbare naam niet helemaal past bij de toegankelijkheid van het product, wordt de health tech startup straks omgedoopt tot Valtes. ‘De basis van deze naam liggen in de letters van Vesta, de Romeinse godin van huis en haard’, vertelt Erjen. ‘Uiteindelijk faciliteren wij in een gezond en slim huis. Dat doen we door een sensor ecosysteem aan te brengen in het huis van de zorgbehoevende. Op basis hiervan blijven mantelzorgers en andere hulpverleners via een toegankelijke app op de hoogte van de gezondheidssituatie van degene voor wie ze zorgen. Wanneer nodig, worden ze automatisch gealarmeerd.’

De basis van het idee ontstond in de voetbalkantine van VV Beilen, de Drentse voetbalvereniging waar John en Erjen elkaar ooit leerden kennen. Tijdens een gesprek kwamen beiden tot de conclusie dat ze wilden ondernemen en concreet wilden bijdragen aan de maatschappij. John, met twintig jaar ervaring in de wereld van Kunstmatige Intelligentie, was al zo’n tien jaar werkzaam in de ouderenzorg, waar hij zich vooral bezighield met technologie. Erjen had kort daarvoor na vier jaar afscheid genomen als wethouder van de gemeente Midden-Drenthe en was onder andere verantwoordelijk voor preventieve gezondheid.

Niet verwonderlijk dus dat ook in de voetbalkantine zo nu en dan sociaal-maatschappelijke vraagstukken voorbij kwamen. Zoals op die lentedag toen ze spraken over de toekomst van de mantelzorg, wellicht één van de grootste problemen waar we de komende jaren mee te maken krijgen. Daar moeten we met behulp van technologie een oplossing voor bedenken, besloten ze.

Bekijk de website van Valtes

Vergrijzing en personeelstekort

‘Toen we het idee gingen toetsen bij familie en kennissen bleek het probleem nog groter dan we op voorhand dachten’, onderstreept John. ‘We hoorden verhalen over overbelaste mantelzorgers die de zorg voor een dierbare combineerden met een baan en het opvoeden van kinderen en nauwelijks tijd hadden voor zichzelf. Door de snelle vergrijzing, het langer zelfstandig wonen van ouderen en het personeelstekort zal de druk op mantelzorgers in de toekomst aanzienlijk toenemen.’

De cijfers zijn veelzeggend: momenteel staan er voor elke 85-plusser nog vijftien potentiële mantelzorgers klaar. In 2040 zullen dit circa zes zijn. Anders gezegd: terwijl de vraag naar mantelzorgers de komende jaren explosief stijgt, neemt de beschikbaarheid van mantelzorgers sterk af. Tegelijkertijd neemt de gemiddelde leeftijd van mantelzorgers toe, waardoor de zorgtaken lastiger en vooral zwaarder worden. Overbelasting ligt voortdurend op de loer. En juist dat willen John en Erjen met Valtes proberen te voorkomen door mantelzorgers en hulpverleners gemoedsrust en vrijheid te bieden.

Subsidie

De afgelopen maanden hebben ze niet bepaald stilgezeten, integendeel. Niet voor niks ontving het bedrijf onlangs een subsidie van de provincie Drenthe om de applicatie samen met het Drenthe College verder te ontwikkelen. De app wordt daarmee beschikbaar gemaakt voor mensen met verschillende niveaus van taalvaardigheid. Begin 2023 gaan de eerste pilots van start bij 20 Drentse huishoudens. ‘We hebben al flinke stappen gemaakt, maar willen een zo compleet mogelijk beeld krijgen van het probleem en weten wat de échte wensen en behoeften van mantelzorgers zijn’, vertelt John. ‘De problematiek vormt in alles de basis. Pas daarna kijken we welke technologie daarbij past. Vandaar dat we, naast het uitvoeren van de pilots, continu in gesprek zijn met zorgorganisaties, mantelzorgconsulenten en natuurlijk de mantelzorgers zelf.’

John Beuving en Erjen Derks, oprichters Valtes ‘De problematiek vormt in alles de basis’

Privacy en veiligheid

In die gesprekken komen telkens weer dezelfde thema’s naar voren: privacy, veiligheid en lichamelijke integriteit. Dat moet vanzelfsprekend allemaal gewaarborgd zijn. Sterker nog, het hele systeem wordt daaromheen gebouwd. Maar hoe gaat het nu precies in zijn werk? Of beter: wat mogen mantelzorgers van de technologie verwachten?

‘We bouwen een systeem dat alle wifi signalen in huis oppakt’, begint Erjen zijn uitleg. ‘Door middel van kunstmatige intelligentie duiden we verstoringen in het wifi-signaal door menselijke activiteit. Door die verandering real time in kaart te brengen kun je zien of iemand staat, ligt, slaapt of gevallen is. Via die bestaande wifi-signalen kunnen we op termijn zelfs ademhaling en hartslag detecteren. Die informatie wordt gebruikt om de applicatie op basis van kunstmatige intelligentie te blijven voeden. Uiteindelijk is het ons streven om, door bijvoorbeeld looppatronen te combineren met ademhalings- en hartslagpatronen, problemen als dementie, depressie en eenzaamheid vroegtijdig te kunnen signaleren. De ultieme sensor, zoals wij het noemen.’

Market Readiness Program

Het concept was al klaar, toen ze werden geattendeerd op het Market Readiness Program van de NOM, een parttime programma van tien weken waarin je alle aannames over jouw klant toetst. Ze besloten er direct gebruik van te maken. ‘We zijn beiden behoorlijk leergierig’, lacht John. ‘Wat we doen willen we ook meteen goed doen. Hoewel de eerste prototypes er nu liggen, waren we nog niet zover dat we de markt konden bestormen. Het Market Readiness Program kon ons als healthtech startup daarmee verder helpen.’

Inmiddels hebben ze alle sessies doorlopen en het programma afgerond. Hebben ze er ook daadwerkelijk iets aan gehad? ‘Ja, absoluut’, antwoordt Erjen zonder spoor van twijfel. ‘De grootste take-away betreft de zojuist genoemde ultieme sensor. Uit de interviews met mantelzorgers en zorgorganisaties kwam naar voren dat een aantal zaken die ze willen weten niet alleen met wifi kan worden opgelost. We hebben daarom besloten om een uitgebreid sensor ecosysteem aan te bieden. Met nog meer mogelijkheden dus, waaronder het buitenshuis op de hoogte blijven van iemands gezondheidssituatie. Het Market Readiness Program heeft er, kortom, voor gezorgd dat we ons product anders hebben aangekleed.’

Ook John kijkt met een goed gevoel terug op het programma van de NOM. ‘Wat tijdens de interviews eveneens bevestigd werd’, zegt hij, ‘is dat een grote groep mantelzorgers zichzelf helemaal geen mantelzorger wil noemen. Ze zijn zelfs ontstemd als dat gebeurt. Simpelweg omdat ze, naar eigen zeggen, gewoon voor een dierbare zorgen. In sociaal-maatschappelijk opzicht is dat wel een aandachtspunt. Het zou namelijk zomaar een reden kunnen zijn waarom bepaalde beleidsmaatregelen niet beklijven.’

Meer informatie over het Market Readiness Program

Grote ambitie

Samen met de RUG wordt momenteel gewerkt aan het bouwen van een data privacy model. Daarnaast wordt met ASTRON, een gerenommeerd instituut voor radioastronomie, een antenne ontwikkeld die ook bij beperkt bereik verstoringen op het wifi- signaal nauwkeurig in kaart brengt. Speciaal voor dit project wil ASTRON studenten van de TU Eindhoven aan boord halen en wordt het Wireless Data Lab ter beschikking gesteld.

Aan enthousiasme en betrokkenheid van organisaties dus geen gebrek. Gelukkig maar, want de ambitie van Valtes is groot. ‘In 2030 willen we minimaal één miljoen Europese gebruikers hebben’, benadrukt Erjen. ‘We willen groeien en een gezond bedrijf worden, maar altijd met het creëren van maatschappelijke impact als belangrijkste drijfveer.’